ethische en morele dilemma’s en algemene informatie



 

Utilitarisme


Een handeling is ethisch goed als het voor ‘het grootste geluk voor het grootste aantal’ zorgt. Dat is de kern van het utilitarisme. Het utilitarisme bepaalt de ethische waarde van een handeling door de gevolgen hiervan. Volgens deze stroming is goed en kwaad en kwestie van rekenen. Van welke handeling worden de meeste mensen het meest gelukkig?

Net als bij de gevolgenethiek is bij het utilitarisme de uitkomst van een handeling bepalend voor de ethische waarde ervan. Bij het utilitarisme is het doel altijd geluk. Geluk wordt door Jeremy Bentham, de eerste die de term utilitarisme gebruikte, gedefinieerd als het ontbreken van pijn en het hebben van zoveel mogelijk plezier. Bentham ontwikkelde een rekenmethode, de ‘hedonistische calculus’. Hiermee kon hij precies uitrekenen welke handeling het meeste geluk voor de meeste mensen zou opleveren. Hij rekende dat uit aan de hand van onder andere de duur en de intensiteit van het plezier en de pijn. Hierdoor werd de ethiek een exacte wetenschap. Het utilitarisme is een onpartijdige ethiek. Het is belangrijk om het geluk voor zo veel mogelijk mensen te maximaliseren, het maakt daarbij niet uit om welke mensen het gaat. Bentham gaf wel aan dat mensen niet geneigd zijn om het goede te doen; vaak zullen zij alleen rekening houden met hun eigen geluk en niet met dat van de mensen om hen heen. Daarom is er een systeem van beloningen en straffen nodig om iedereen op ‘het rechte pad’ te houden.

De peetzoon van Benthem, John Stuart Mill, heeft de utilitaristische theorie verder uitgebreid. Mill maakt een onderscheid tussen een persoonlijke en een sociale moraal. De sociale moraal heeft betrekking op de relaties met anderen. Hij vindt dat mensen geheel vrij zijn, zo lang hun acties anderen geen schade berokkenen. Dit is dus een ander uitgangspunt dan bij Bentham, volgens wie altijd de actie moet worden gekozen die het meeste geluk voor de meeste mensen oplevert. Volgens Mill is vrijheid een voorwaarde om gelukkig te kunnen worden.

Het utilitarisme van Bentham blijkt in de praktijk op nogal wat bezwaren te stuiten. Hoe bepaal je de mate van geluk? Het eten van een stuk appeltaart zal bij de ene persoon meer plezier opleveren dan bij de ander, terwijl het bij iemand met een appelallergie juist pijn oplevert, het tegenovergestelde van geluk. Mill nuanceert de stelling dat geluk te berekenen zou zijn, en geeft ook aan dat sommige vormen van geluk meer waard zijn dan andere. Volgens hem is, in tegenstelling tot de mening van Bentham, poëzie meer waard dan kinderspel. Verstandige mensen met veel levenservaring kunnen bepalen welke vormen van plezier het meeste waard zijn. Hoe dan bepaald moet worden wie deze mensen zijn is natuurlijk weer een heel ander probleem.

Tot in de twintigste eeuw was het utilitarisme zeer populair, maar toen kwam er steeds meer kritiek op. Verschillende filosofen vroegen zich af of er toch niet bepaalde principes of deugden zijn die altijd goed zijn. Is de mens een moreel wezen die geneigd is tot het goede? Dan is de utilistische rekenmethode niet noodzakelijk.




 




 © 2010-2018 Tot Z Diensten BV  (Zie ook Tot Z Diensten BV voor contactgegevens.)